Oostduinkerke3

Op 16 augustus 1945 waren ploegen van de 1ste Compagnie van het 2de Ontmijningsbataljon aan het werk te Oostduinkerke zoals blijkt uit het bijzonder verslag van Majoor Emile SAMYN, bevelhebber van het Tweede Bataljon.

Tijdens het ontmijnen van 'het Duinenhof' te Oostduinkerke werd volgens het omstandig verslag eerst de Soldaat Oorlogsvrijwilliger Pierre WILLECOMME en nadien de Reserve Luitenant Jacques VERSTRAETE gedood. Daarnaast zijn ook de Reserve Luitenant August CLAESSENS, de Korporaals Oorlogsvrijwilligers Ernest BRANDERS enJozef SCHUDDINCK , en de Soldaat Oorlogsvrijwilliger Hendrik THIJS gewond geraakt.

Het overlijden en de gewonden zijn het rechtstreeks gevolg van het eerste ongeval van Pierre WILLECOME.

Pierre was aan het werk in een mijnenveld op 16 augustus 1945 rond 9u30 en was bezig een anti-personeelsmijn te neutraliseren toen deze plots ontplofte. Hij moet op slag gedood zijn geweest aangezien hij geknield aan het werk was en de volle werking van de mijn op zich gekregen heeft. Een aantal andere ploegleden, waaronder de Luitenanten Jacques VERSTRAETE en August CLAESSENS zijn toegesneld om de zaak te overzien. De Soldaat Oorlogsvrijwilliger Hendrik THIJS was net begonnen aan het uitleggen wat er gebeurd was toen plotseling een mijn ontplpofte waar Jacques zich bevond. De oorzaak van het ontploffen van deze mijn is onduidelijk. Jacques was zwaar gewond en had beide benen verloren en ondanks de zorgen in het Brits militair hospitaal is hij daar in de loop van dezelfde dag overleden.

Uit

Het advies van de majoor Emiel SAMYN, bevelhebber van het Tweede Ontmijningsbataljon aan het hogere echelon is '...Het ongeval is gebeurd door en tijdens de dienst, en dat de verantwoordelijkheid niet bij de getroffenen noch derden kan gelegd worden.

Hieronder het relaas met de originele tekst:

Op donderdag 16den Augustus 1945 werd te Oostduinkerke op de plaats genaamd Duinenhof voortgegaan met de ontmijning van het mijnenveld 'Klch I'. Op de plaats waar zich het ongeval heeft voorgedaan bestond het werk van de ploeg er in anti-personeelmijnen van het type 'Flaschenminen' op te zoeken, bloot te leggen en onschadelijk te maken. Soldaat Willecomme maakte van deze ploeg deel uit toen, rond 9u30, op het oogenblik dat hij het houten deksel van een blootgelegde mijn wilde oplichten, deze mijn ontplofte.Voormelde die voor het uitvoeren van deze bewerking geknield was, werd op slag gedood en zijn lichaam werd op ongeveer 3 meter van de plaats van de ontploffing aangetroffen, het hoofd deerlijk gehavend. Onmiddelijk na het ongeval zijn Luitenat Verstraete en Luitenant CLaessens, die zich in een ander gedeelte van het mijnenveld ophielden komen toegesneld en hebben ze de nodige schikkingen genomen. Door beide officieren werd tevens een eerste onderzoek ingesteld nopens de oorzaken van het ongeval. Tijdens de uitvoering van deze taak bevonden de luitenanten Verstraete en Claessens zich in het mijnenveld; t.t.z. tusschen de mijnen waarvan de meesten ontbloot en dus zichtbaar waren. Op de onderstaande schets is de plaats van het ongeval omstandig opgegegven en kan men zien waar voormelde officieren zich tijdens hun onderzoek bevonden. Het is tijdens den uitleg door soldaat Thijs aan deze officieren verstrekt dat zich een tweede ontploffing voordeed op de plaats waar Luitenant Verstraete zich bevond. Niemand van de getuigen is bij machte met zekerheid te bepalen wat tot de ontploffing van deze mijn aanleiding gegeven heeft. De aard der verwondingen echter waarvan luitenant Verstraete gestorven is, laat toe af te leiden dat voornoemde, waarschijnlijk in een oogenblik van verstrooidheid veroorzaakt door het ongeval Xillecomme, er niet meer aan gedacht heeft dat hij zich in de onmiddelijke nabijheid van een mijn bevond en er bij vergissing op getrapt heeft. Bij deze ontplofiing werd luitenant Verstraete erg gekwetst, beide beenen werden afgereten, en de zorgen toegebracht in het Britisch Militair Hospitaal hebben niet meer kunnen baten, om 13u45 is hij aan zijn verwondingen overleden.

De luitenant Claessen, de Korporaal Schukkinck en Branders en de soldaat Thijs die licht gekwetst werden (schrammen, hardhorigheid) hebben na verpleging hun eenheid kunnen vervoegen

Aangezien er veel ploegleden aan het werk waren, zijn er ook een aantal ooggetuigenissen. Deze zijn hieronder weer te vinden.

Verklaring van Sergeant Oorlogsvrijwilliger Seraphin SPITTAEL.

Het was ongeveer 9u30 toen een mijn ontplofte, waarbij de Soldaat Willecomme werd gedood. Ik stond een meter of zes van hem af. Hij was geknield bezig mijnen onschadelijk te maken. Door een onbekende oorzaak is een mijn ontploft. Willecomme heeft de lading in het gezicht gekregen en was op slag dood. De helft van zijn gezicht was weggeslagen door de ontploffing. Een man of vier waren rond hem aan het mijnen opruimen en werden niet geketst. Het lijk van WIllecomme werd weggevoerd. De commandant Verstraete en de Luitenant Claessens kwamen op de plaats waar Willecomme verongelukte, in het mijnenveld. Op zeker oogenblik moet de commandant op een andere mijn hebben getrapt. Bij deze nieuwe ontploffing werd de commandant erg gekwetst en de luitenant in het gezicht getroffen. Het was ongeveer 9u45. De commandant had beide beenen gesectioneerd, het linkerbeen tot tegen de heup, het rechterbeen boven de knie. Ik stond ongeveer vier meter van de plaats van de tweede ontploffing af.

Verklaring van Luitenant August CLAESSENS pelotonoverste in de 1ste Compagnie van het 2 Bataljon.

Mijn peloton was aab het werk in een mijnenveld nabij Duinenhof. Rond 9u30 waren de commandant en ikzelf op inspectie, ongeveer een 100 meter van de plaats waar rond dit uur een ontploffing gebeurde. We liepen naar de plaats toe en zagen dat de genaamde Willecomme doodelijk getroffen was geworden. Hij werd een meter of vier weggeslingerd door de ontploffing. De helft van zijn gezicht was weggeslagen. Ik heb den sergeant Bleick bevel gegegeven het lijk naar het doodenhuisje te voeren op Oostduinkerke. Willecomme was belast met het ontblooten der mijnen. De commandant en ik hebben dan ter plaatse een onderzoek ingesteld en daartoe hebben we ons in het mijnenveld begeven. We ondervroegen den soldaat Thijs, die nevens Willecome had gewerkt. Op het oogenblik dat we beiden uit het mijnenveld wilden gaan, en ons daartoe omkeerden, ontplofte een mijn. De mijnen waren allen blootgelegd. Ik meen dat de commandant bij het omkeeren juiste nevens een mijn had gestapt, mijn reeds gedesequilibreerd daar de eerste ontpoffing, dit onder den druk van het verplaatste zand, door den voet van den commandant, tot ontploffing is gekomen. Ik werd gekwetst in het gezicht en door mijn soldaten in een auto geplaatst, die me naar Veurne heeft gevoerd. Ik werd aldaar verzorgd door Dr Denecker.

Ik moet opmerken dat dit soort mijnen, die we aan het opruimen waren, anti-personeelsmijnen zijn, die over het algemeen enkel den persoon dooden die er op trapt, terwij dezen die er kort bij zijn bijna nooit getroffen worden, tenzij door de luchtveplaatsing.

Verklaring van Sergeant Henri BLIECK .

Vertaald uit de Franstalige verklaring.

Verklaring van Soldaat Oorlogsvrijwilliger Hendrik THIJS .

Ik was vlakbij Willecomme aan het werk, geknield. Willecomme en ik degageerden de mijnen, de sergeant Blieck ontwapende ze. Willecomme was eveneens geknield aan het werk. Ik heb gezien dat Willecomme op zeker oogenblik het deksel van de houten kist kist waarin de mijn bevat was oplichte. Onmiddelijk ontplofte de mijn. Ik zag dat Willecomme weggeslingerd werd. Ikzelf werd door den drukplatgeworpen. Ik werd niet gekwetst, maar heb haast geen gehoor meer. Willecomme was op slag dood. Zijn gezicht was helemaal vermorzeld. De commandant en de luitenant Claessens hebbe mij dan enkele minuten na het ongeval met Willecomme geroepen ter plaatse waar de min ontplofte, om uitleg te geven over het ongeluk. Ik heb gezien dat de commandant op zeker oogenblik zijn linkervet heeft verplaatst. De ontploffing volgde. Voor deze stond de commandant ongeveer een halve meter af van de ontplofte mijn. Deze stak boven den grond uit. De commandant wist dus waar ze lag. De commandant was zwaar gekwetst: zijn linkerbeen was tot tegen de heup gesectioneerd, het rechterbaan boven de knie. De luitenant Claeaesens was licht gekwetst in het gelaat.

Op het oogenblik van de tweede ontploffing zat ik geknield op dezlefde plaats als toen de eerste ontplofiing plaats greep, dit was twee meter van den commandent af.

Verklaring van Korporaal Oorlogsvrijwilliger Ernest BRANDERS .

Op het oogenblik van de ontploffing, waarvan de commandnat het slachtoffer is geworden, stond ik nevens Thijs, op een paar meter van den commandant af. Ik heb gezien dat deze zijn linkervoet heeft verplaatst, waarop een ontploffing volgde. De commandant stond een halve meter van de ontplofte mijn af. Ik heb niet gezien dat de commandant boven op de mijn heeft getrapt.